Koolhydraten: Word Je Dik Van Koolhydraten? - Fit Met Charlotte

Koolhydraten: Word Je Dik Van Koolhydraten?

682 Views 2 Comments
Word je dik van koolhydraten?

Het woord koolhydraten lijkt tegenwoordig wel een scheldwoord geworden. Er wordt gezegd dat je er dik van wordt, dat ze ongezond zijn voor je lichaam en dat je ze dus in alle gevallen maar het beste kunt vermijden. In deze blog leg ik uit wat koolhydraten voor jou lichaam betekenen en dat ze prima passen binnen jouw health lifestyle. Ja…, ook als je wilt afvallen.

Er zijn complete diëten ingesteld op het zo weinig mogelijk eten van koolhydraten. Het lijkt wel of koolhydraten je dik maken?! Niets is minder waar, want het menselijk lichaam heeft koolhydraten gewoon nodig.  De kans bestaat dat je je bij een koolhydraatarm slap, futloos en niet vooruit te branden voelt. En daarnaast zijn koolhydraten ook van groot belang voor het functioneren van je lichaam. Ze zijn namelijk de belangrijkste brandstof voor het lichaam. Niet zo raar dat je je futloos en moe voelt als je beslist om alle koolhydraten uit je voeding te schrappen.

Om te kunnen begrijpen waarom je koolhydraten juist nodig hebt binnen een healthy lifestyle leg ik eerst uit wat koolhydraten nu precies zijn en hoe ze zijn opgebouwd.

Word je dik van koolhydraten?

STRUCTUUR VAN KOOLHYDRATEN

Er zijn verschillende typen koolhydraten. Andere namen voor koolhydraten zijn sachariden of suikers. De term suikers is vrij verwarrend, omdat er een groot verschil bestaat tussen onbewerkte en bewerkte suikers.

Er zijn verschillende koolhydraten te onderscheiden: Monosachariden, disachariden en polysachariden:

Monosachariden bestaat uit slecht één molecuul. Voorbeelden van monosachariden zijn glucose en fructose. Je kent ze ook wel als druivensuiker en vruchtensuiker.

Disacharide worden ook wel tweevoudige koolhydraten genoemd. Ze zijn samengesteld uit 2 monosachariden. Voorbeelden hiervan zijn sucrose, lactose en maltose. Je kent ze ook als tafelsuiker, rietsuiker, lactose (melksuiker) of moutsuikers (bestanddeel in bier).

Polysachariden zijn meervoudige koolhydraten. Deze zijn opgebouwd uit een heleboel enkelvoudige koolhydraten (monosachariden). Ook wel zetmeel genoemd. Voorbeelden hiervan zijn: granen, aardappelen en peulvruchten.

Mono- en disachariden worden ook wel aangeduid als “eenvoudige koolhydraten” en polysachariden als “complexe koolhydraten”.

Voedingsvezels: Naast deze verteerbare polysachariden zijn er ook onverteerbare polysachariden. Deze koolhydraten worden ook wel voedingsvezels genoemd.

Voedingsvezels kunnen niet worden verteerd. Hierdoor worden ze niet opgenomen in het bloed en leveren ze ook geen energie.

FUNCTIES VAN KOOLHYDRATEN

Alle verteerbare koolhydraten worden in de darm verteerd tot monosachariden en vervolgens via het bloed opgenomen.  In de lever worden de monosachariden omgezet in glucose. De cellen in je lichaam gebruiken die vervolgens als energiebron.

Voor hersencellen, rode bloedlichaampjes, niermergcellen en melkklieren is glucose de belangrijkste energieleverancier. Om goed te kunnen functioneren hebben onze hersenen dus glucose nodig. Glucose die niet wordt gebruikt, kan in de vorm van glycogeen in de spieren en lever worden opgeslagen.

Het eten van koolhydraten zorgt voor een stijging van je bloedsuikerspiegel. Hoe meer koolhydraten je eet, hoe hoger je bloedsuikerspiegel wordt. Dit wordt ook wel aangeduid met de glycemische index (GI). Maar ook het soort koolhydraten dat je eet speelt hierbij een rol.

Langzame koolhydraten

SNELLE EN LANGZAME KOOLHYDRATEN

De stijging van de bloedsuikerspiegel hangt samen met de hoeveelheid koolhydraten die wordt gegeten. Maar ook het soort koolhydraten speelt een rol bij de snelheid van de stijging van de bloedglucosespiegel. Zo bestaan er ‘snelle’ en ‘langzame’ koolhydraten.

Snelle koolhydraten: Dit zijn koolhydraten met een hoge glycemische index. Deze koolhydraten worden snel verteerd en opgenomen in het bloed, waardoor je bloedsuikerspiegel snel stijgt. Voorbeelden hiervan zijn: aardappelen, witbrood, witte pasta, witte rijst en cornflakes.

Langzame koolhydraten: Dit zijn koolhydraten met een lage glycemische index. Na het eten hiervan duurt het langer voordat ze zijn verteerd en dus kunnen worden opgenomen in het bloed. Voorbeelden hiervan zijn: bruinbrood, volkorenbrood, volkorenpasta, zilvervliesrijst en peulvruchten.

Naast snelle en langzame koolhydraten is er ook een groep die we voedingsvezels noemen. Koolhydraatrijke producten zijn vaak ook de leveranciers van vezels. Vezels zijn onverteerbare stoffen die verzadigend werken. Ze vertragen het proces waarbij koolhydraten worden verteerd en in de bloedbaan worden opgenomen. Dit zorgt ervoor dat de bloedsuikerspiegel laag blijft.

AFVALLEN

Ongeveer de helft van het voedsel dat we eten op een dag bestaat uit koolhydraten. De aanbevolen dagelijks hoeveelheid is 40% tot 50% van onze totale voeding per dag. Koolhydraten die alleen energie leveren noemt men ook wel ‘lege calorieën’ (sacharose en glucose). Dit zijn voedingsmiddelen die buiten energie verder geen voedingsstoffen bevatten. Denk aan vezels, vitaminen en mineralen. Eet je te veel koolhydraten, dan wordt het overschot omgezet en opgeslagen als vet.

Als de voeding te weinig koolhydraten bevat, probeert je lichaam uit alle macht ervoor te zorgen dat je niet doodgaat. (Want glucose is nodig voor het functioneren van je hersenen weet je nog?). Je lijf gaat dus op zoek naar andere plekken om koolhydraten vandaan te halen. Er wordt vervolgens glucose gevormd uit aminozuren (aminozuren zijn eiwitten die liggen opgeslagen in de spieren). Er wordt dan lichaamseiwit afgebroken om er glucose uit te vormen. Je lichaam eet als het waren je spieren op! Dit wil je niet hebben, aangezien dan ook je stofwisseling in rust drastisch wordt verlaagd.  Er zijn dus koolhydraten uit voeding nodig om de afbraak van lichaamseiwit tegen te gaan. Hierdoor zorg je ervoor dat je spiermassa wordt behouden en je je ruststofwisseling op peil houdt (of vergroot). Beide zijn nodig om af te vallen en calorieën te verbranden.

Mijn voeding bestaat dagelijks ongeveer de helft aan koolhydraten. Soms wat meer en soms wat minder. Ik probeer vooral te luisteren naar mijn lichaam wat het nodig heeft. Ga op zoek naar wat voor jou werkt en probeer eens het een en ander uit. Ieder lichaam is anders en uniek. Wat werkt voor jou het beste?

2 Comments
  • Linda

    Beantwoorden

    Geweldig goed uitgelegd. Ik eet zelfs wat meer koolhydraten, (sport redelijk intensief). Als ik dit niet doe, voel ik echt dat ik minder goed presteer en minder energie heb.
    (ps: heb je artikel gedeeld op mijn facebook)

    • Charlotte

      Hallo Linda,
      Dankjewel voor je berichtje en echt superleuk dat je het artikel gedeeld hebt op je facebook! Ik sport ook intensief en merk ook dat koolhydraten dan voor mij echt nodig zijn! Liefs, Charlotte

Leave a Comment